Ingesneeuwd
Homo
Voor vrouwen
Je bent met een vriend in de bergen en jullie sneeuwen in op de hut
Ingesneeuwd
De wind fluistert zachtjes door de dennen, terwijl je met Seb stap voor stap het smalle pad oploopt. Jullie laarzen kraken op de bevroren grond, en je adem vormt kleine witte wolkjes in de heldere berglucht. Je trekt je jas strakker om je heen, voelt hoe de kou langzaam door de mouwen kruipt. Naast je stapt Seb zwijgend verder, zijn voorhoofd licht gefronst – niet van bezorgdheid, eerder van concentratie.
Dan, plotseling, zie je het. Tussen de met sneeuw bedekte rotsen duikt het op: een kleine hut, nauwelijks meer dan een donkere vlek in de witte uitgestrektheid, maar duidelijk herkenbaar.
"Daar!", roep je en je wijst met je vinger naar voren naar de hut, waar jullie willen overnachten. Seb volgt je blik en knikt opgelucht.
Op dat moment begint het te sneeuwen. Eerst aarzelend, dan dichter – zachte vlokken dansen door de lucht, leggen zich zachtjes op je muts, je schouders, je handschoenen. De wereld om je heen wordt stiller, gedempter, alsof de sneeuw zelf de geluiden heeft opgeslokt.
Jullie bereiken de hut. Buiten sneeuwt het steeds harder maar vandaag nog verder gaan is geen optie. Eerst maar wat eten?